Techniek

Kaarsen kleuren: wat werkt, en wat je lont verstopt

Kaarsen kleur je met kleurstof die oplost in was: kleurchips, kleurblokjes of vloeibare kaarsenkleurstof. Voeg ze toe aan hete was van 75–80 °C en roer tot je geen deeltjes meer ziet. Voedingskleurstof, waterverf, acrylverf en gewone pigmentpoeders werken niet: die lossen niet op, zakken naar de bodem en verstoppen je lont.

Houd de dosering laag. Bij de meeste kleurchips heb je aan een halve tot een hele chip per 500 gram was al genoeg voor een duidelijke pasteltint. Meer kleurstof geeft niet alleen een dieper resultaat, maar ook meer vaste deeltjes in de vlam, meer roet en een lont die eerder dichtslibt. Hieronder wat wel werkt, hoe je doseert en hoe je vlekken en verkleuring voorkomt.

Bekijk kleurchips en kaarsenkleurstof op Amazon.nl →

Transparantie: links naar Amazon.nl op deze pagina zijn affiliate-links. Koop je via zo’n link, dan ontvangen wij een kleine commissie. Jij betaalt niets extra en het beïnvloedt ons advies niet.

De drie soorten kaarsenkleurstof

  • Kleurchips of kleurblokjes: geconcentreerde was met kleurstof erin. Makkelijk te doseren, lang houdbaar en het meest gebruikt door hobbyisten. Je snijdt of breekt er simpelweg een stukje af.
  • Vloeibare kleurstof: druppelsgewijs te doseren en dus veel fijner te regelen, ideaal als je exact dezelfde tint wilt herhalen. Wel morsgevoelig en soms wat prijziger per gram.
  • Kleurpoeder of pigment: geeft dekkende, intense kleuren en wordt gebruikt voor pillars en kunstzinnige kaarsen. Pigmenten lossen niet op maar zweven in de was, wat betekent dat ze in een containerkaars de lont kunnen verstoppen. Gebruik ze alleen buitenom, in dikke pillarkaarsen of met een dikkere lont.

Kleurstof voor zeep en cosmetica is niet automatisch geschikt voor kaarsen: die is gemaakt om in water of glycerine op te lossen, niet in was. Koop dus expliciet kleurstof voor kaarsen en check of er kaars of candle op de verpakking staat.

Wat je absoluut niet moet gebruiken

  • Voedingskleurstof: op waterbasis. Water en was mengen niet; je krijgt spatten in hete was en een kaars die sist of knapt tijdens het branden.
  • Waterverf en plakkaatverf: zelfde probleem, plus een laag pigment op de bodem.
  • Acrylverf door de was: lost niet op, verbrandt in de vlam en geeft een onaangename geur. Aan de buitenkant van een uitgeharde kaars kan het wel, mits je de verf ruim onder de vlam en de wasplas houdt.
  • Krijt, oogschaduw, kurkuma en andere keukenexperimenten: geven vaste deeltjes die de lont verstoppen en soms scherpe geuren afgeven bij verbranding.
  • Wasco of kleurpotloden: een hardnekkige internettip die niet klopt. Wasco bevat pigmenten en vulstoffen die niet bedoeld zijn om te verbranden en die je lont binnen een uur dichtzetten.

Doseren: begin altijd te licht

Kleur in vloeibare was ziet er veel donkerder uit dan het eindresultaat. Sojawas is van zichzelf ondoorzichtig en trekt elke kleur richting pastel; wat in de gietkan diep petrolblauw lijkt, wordt in het glas lichtblauw. Paraffine houdt kleur veel beter vast en geeft diepere tinten bij dezelfde dosering.

  1. Begin met de helft van wat de verpakking aangeeft, bijvoorbeeld een halve chip per 500 gram was.
  2. Roer tot je geen enkel deeltje meer ziet. Onopgeloste kleurstof geeft vlekken en een verstopte lont.
  3. Test met een wasplaatje: laat een druppel was op een wit bord of stukje bakpapier stollen. Binnen een minuut zie je de echte eindkleur.
  4. Nog te licht? Voeg een klein stukje toe en test opnieuw. Terugdraaien kan niet.
  5. Noteer wat je hebt gebruikt, per gram was. Zonder aantekeningen krijg je dezelfde tint nooit terug.

Kleur en geur beïnvloeden elkaar

Veel geuroliën bevatten vanilline: het bestanddeel dat vanille, karamel, tonka en veel bakgeuren hun karakter geeft. Vanilline verkleurt was na verloop van weken naar crème tot lichtbruin, ongeacht welke kleurstof je gebruikt. Een lichtroze vanillekaars wordt daardoor vanzelf zalmkleurig. Dat is geen fout en het heeft geen invloed op de brandkwaliteit, maar je kunt het niet tegenhouden. Ga je toch voor felle tinten, kies dan geuren zonder vanilline, zoals citrus, kruiden of frisse bloemige noten. Welke oliën dat zijn, herken je aan het datablad; meer daarover in onze gids over geurolie voor kaarsen.

Kleuren op de was afgestemd

WastypeKleurgedragAdvies
Sojawas (container)Ondoorzichtig, pastelachtigReken op zachte tinten, doseer laag
Sojawas (pillar)Iets dekkender, kan vlekkerig stollenLangzaam laten afkoelen
ParaffineNeemt kleur diep en gelijkmatig opBeste keuze voor felle kleuren
BijenwasEigen gele grondtoonBlauw wordt groen; werk met warme tinten
KokoswasZeer wit, kleurt helder opMooie basis voor pasteltinten

Welke was welk gedrag vertoont, staat uitgebreider beschreven bij de soorten kaarsenwas. Werk je met sojawas, kijk dan ook bij sojawas kopen voor het verschil tussen containerwas en pillarwas.

Vlekken, strepen en frosting

Wolkjes en witte strepen in een gekleurde sojakaars zijn bijna altijd frosting: kristallen die tijdens het stollen naar het oppervlak groeien. Bij witte was zie je dat nauwelijks, bij een donkerblauwe kaars valt het meteen op. Je vermindert het door warmer te gieten binnen de aanbevolen marge, het glas voor te verwarmen en de kaars langzaam en tochtvrij te laten afkoelen, maar helemaal wegnemen lukt niet bij 100% sojawas. Krijg je juist strepen aan de buitenkant, dan was je glas te koud. Zit de kleur ongelijk verdeeld met donkere vlekken onderin, dan heb je te kort geroerd of de kleurstof bij een te lage temperatuur toegevoegd.

Meerlaags en gemarmerd gieten

Wil je meerdere kleuren in één kaars, giet dan in lagen. Laat elke laag stollen tot hij niet meer vloeibaar is maar nog wel warm aanvoelt, en giet de volgende laag op een lage temperatuur van rond 50 °C zodat de laag eronder niet doorbreekt. Voor een gemarmerd effect roer je twee kleuren pas op het allerlaatste moment losjes door elkaar en giet je meteen. Dit soort effecten komt het best tot zijn recht in siliconen gietvormen, omdat je de kaars daar van alle kanten ziet. Alle technieken op een rij vind je op de hub over zelf kaarsen maken, en de basis leer je bij kaarsen maken voor beginners. Voor kant-en-klare sets zijn kleurchips in een assortimentsdoos de goedkoopste manier om te experimenteren.

Veelgestelde vragen

Kan ik voedingskleurstof gebruiken voor kaarsen?

Nee. Voedingskleurstof is op waterbasis en lost niet op in was. Het zakt naar de bodem, geeft spatten in hete was en kan de kaars laten sissen of knappen tijdens het branden. Gebruik kleurchips, vloeibare kaarsenkleurstof of pigment dat expliciet voor kaarsen is bedoeld.

Waarom is mijn kaars veel lichter geworden dan de was in de pan?

Sojawas is ondoorzichtig en trekt elke kleur richting pastel zodra hij stolt. Vloeibare was ziet er altijd donkerder uit dan het eindresultaat. Test daarom met een wasplaatje: laat een druppel op bakpapier stollen en beoordeel de kleur pas daarna. Paraffine houdt kleur veel beter vast.

Waarom wordt mijn witte kaars na een paar weken geel?

Dat komt bijna altijd door vanilline in de geurolie, het bestanddeel achter vanille, karamel en veel bakgeuren. Vanilline verkleurt was naar crème of lichtbruin en dat is niet tegen te houden. Wil je wit houden, kies dan geuren zonder vanilline, zoals citrus, kruiden of frisse bloemige noten.

Hoeveel kleurstof heb ik nodig per kilo was?

Begin met de helft van wat de verpakking adviseert, vaak neerkomend op één tot twee kleurchips per kilo was voor een duidelijke pasteltint. Meer kleurstof geeft meer vaste deeltjes in de vlam, wat roet en een verstopte lont oplevert. Kleur bijmengen kan altijd nog, terugdraaien niet.