De zes wassoorten in het kort
| Wastype | Herkomst | Sterk in | Nadeel |
|---|---|---|---|
| Paraffine | Aardolie (raffinageproduct) | Sterke geurpiek, goedkoop, elke kleur mogelijk | Meer roet, fossiele grondstof |
| Sojawas | Sojabonenolie, gehard | Lange brandduur, schoon, geleidelijke geur | Vaak gemengd; frosting; teelt vaak overzees |
| Koolzaadwas | Europees koolzaad | Korte keten, schoon, goede geurbinding | Kleiner aanbod, iets duurder |
| Bijenwas | Bijenraat | Langste brandduur, eigen honinggeur, weinig roet | Duur, niet vegan, neemt geurolie slecht op |
| Palmwas | Palmolie | Kristalpatroon, hard, hoge smelttemperatuur | Ontbossingsrisico zonder keurmerk |
| Gelwas | Minerale olie plus polymeer | Transparant, decoratief | Zwakke geur, alleen in hittebestendig glas |
Wat al deze stoffen gemeen hebben: het zijn brandstoffen die pas verbranden nadat ze door de hitte van de vlam zijn gesmolten en verdampt. De lont is daarbij niet meer dan een pompje. Het verschil tussen de wassoorten zit vooral in het smeltpunt, in hoeveel geurolie de was kan binden en in hoe schoon hij verbrandt. Een hoger smeltpunt betekent een tragere, koelere wasplas en dus meer branduren, maar ook dat de lont dikker moet zijn om de was mee te krijgen. Daarom kun je niet zomaar dezelfde lont in elke was gebruiken, en daarom brandt dezelfde vorm kaars in twee wassoorten totaal anders.
Paraffine: de standaard waar iedereen mee begint
Verreweg de meeste kaarsen in Nederlandse supermarkten en woonwinkels zijn van paraffine, een bijproduct van aardolieraffinage. Het spul is goedkoop, kleurt en giet perfect, en heeft een hoog smeltpunt waardoor stompkaarsen mooi hun vorm houden. Voor geur is paraffine bovendien technisch gunstig: het bindt veel geurolie en geeft die snel af, wat de kenmerkende sterke geurpiek in het eerste half uur oplevert.
De keerzijde is meer roetvorming dan bij plantaardige was en het feit dat je een fossiele grondstof opbrandt. Dat eerste is grotendeels een gebruikskwestie: een paraffinekaars met een lont van 1 cm, tochtvrij gebrand, roet nauwelijks. Zie waarom een kaars walmt.
Sojawas: langer branden, zachter geuren
Sojawas wordt gemaakt door sojabonenolie te harden. Het smeltpunt ligt lager dan bij paraffine, waardoor de wasplas koeler is en de kaars langzamer opbrandt: bij gelijk gewicht haal je grofweg 30 tot 50 procent meer branduren. De geurafgifte is geleidelijker en subtieler — prettig in een slaapkamer, soms te bescheiden in een grote woonkeuken.
Let op de etiketten: soy blend of soy wax blend betekent bijna altijd een mengsel met paraffine. Zoek naar de vermelding 100% sojawas. Het hobbelige, wittige oppervlak dat sojakaarsen na het stollen kunnen krijgen (frosting) is geen fout maar juist een teken van echte sojawas. Meer daarover in onze vergelijking sojawas versus paraffine en het aanbod kaarsen van 100% sojawas.
Bijenwas: het duurste en het langste
Bijenwas heeft het hoogste smeltpunt van alle kaarsenwassen en brandt daardoor het traagst en met de rustigste vlam. De was ruikt van zichzelf licht naar honing, wat mooi is maar ook betekent dat toegevoegde geuren slecht tot hun recht komen. Je herkent echte bijenwas aan de warme, gelige kleur en de geur bij kamertemperatuur. Het is de duurste optie per gram en niet geschikt als je vegan wilt leven. Zie bijenwas kaarsen.
Koolzaad, palm en gel
- Koolzaadwas (rapeseed): gemaakt van Europees koolzaad, dus een korte keten. Brandt vergelijkbaar met soja, bindt geurolie goed en is bezig aan een opmars bij kleinere Europese makers. Zie koolzaadwas kaarsen.
- Palmwas: hard, met een decoratief kristalpatroon dat je vaak bij rustieke stompkaarsen ziet. Palmolie is echter direct verbonden met ontbossing; koop alleen met een geloofwaardig keurmerk, of kies iets anders.
- Gelwas: transparant, met ingegoten decoratie. Ziet er leuk uit, maar de geurafgifte is zwak en gel mag uitsluitend in hittebestendig glas branden.
- Stearine: je komt het nog tegen bij dinerkaarsen; het is een vetzuurwas, hard, wit en druipvriendelijk, vaak van plantaardige oorsprong.
Welke was kies je waarvoor?
- Grote woonkamer, sterke geur gewenst: paraffine of een blend, in een pot met meerdere lonten.
- Slaapkamer en badkamer: sojawas of koolzaadwas, subtiel en schoon.
- Zoveel mogelijk branduren per euro: een grote sojakaars.
- Cadeau met natuurlijk karakter: bijenwas of een 100% sojakaars.
- Zelf gieten: sojawasvlokken zijn het meest vergevingsgezind; zie kaarsen maken voor beginners.
Ga je zelf aan de slag, dan koop je de sojawasvlokken en lonten los. Voor de rest van de basiskennis over branden, roet en onderhoud kun je terecht in onze kennisbank, bijvoorbeeld bij de brandduur per kaarstype.
Veelgestelde vragen
Welke kaarsenwas brandt het langst?
Bijenwas, dankzij het hoogste smeltpunt, gevolgd door sojawas en koolzaadwas. Paraffine brandt bij gelijk gewicht het snelst op. In de praktijk bepalen het gewicht van de kaars en de dikte van de lont echter meer dan het wastype alleen.
Is sojawas echt beter dan paraffine?
Sojawas geeft minder roet en brandt langer, en is plantaardig. Paraffine geeft een sterkere geurpiek en is goedkoper. Beter hangt dus af van wat je zoekt. Voor beide geldt dat lont knippen en tochtvrij branden meer verschil maken dan de wassoort.
Wat is soy blend precies?
Een mengsel van sojawas met een andere was, meestal paraffine. Fabrikanten doen dat om de geurafgifte te versterken en de kaars goedkoper te maken. Wil je echt plantaardig, zoek dan expliciet naar de vermelding honderd procent sojawas op het etiket.
Waarom ziet mijn sojakaars er hobbelig en wittig uit?
Dat heet frosting: kleine kristallen die ontstaan doordat plantaardige was langzaam uitkristalliseert. Het is juist een aanwijzing dat je echte sojawas hebt. Het beinvloedt de brandduur en de geur niet en verdwijnt grotendeels bij de volgende brandbeurt.