De ondergrens: brand nooit korter dan de wasplas nodig heeft
Bij elke kaars in een pot of houder geldt dat de eerste brandbeurt de breedte van de wasplas vastlegt. Blijft er een droge rand staan, dan blijft die rand er voorgoed staan en brandt de kaars zich een koker in. De vuistregel is één uur per centimeter diameter: 7 cm pot is 1,5 tot 2 uur, 9 cm is ruim 2 uur, een brede driepitskaars van 12 cm zit richting 3 uur.
Heb je die tijd niet, steek de kaars dan liever niet aan. Een korte brandbeurt van twintig minuten voelt als zuinig omgaan met je kaars, maar kost je uiteindelijk een derde van de inhoud. De hele uitleg en de reddingsactie voor een kaars die al scheefgegroeid is, staan bij tunnelvorming voorkomen en verhelpen.
De bovengrens: waarom 4 uur?
Na ongeveer vier uur onafgebroken branden gebeurt er een aantal dingen tegelijk:
- De wasplas wordt te diep. De lont krijgt meer brandstof dan hij kan verwerken en de vlam wordt hoger.
- De lont gaat wandelen. In een diepe plas kan de lont scheefzakken of naar de rand drijven, waardoor de kaars ongelijk afbrandt.
- De verkoolde kop groeit. Dat paddenstoelvormige bolletje geeft roetslierten. Zie waarom een kaars walmt.
- Het glas wordt heet. Bij lang branden loopt de temperatuur van de pot flink op, zeker als de vlam al laag in het glas zit.
- De geur vervlakt. Je neus went aan de geur en tegelijk is de meeste vluchtige geurolie na een paar uur uit de bovenlaag verdwenen.
Vier uur is dus geen wettelijke grens maar een praktische: het is het punt waarop een kaars merkbaar slechter gaat branden. Sommige fabrikanten adviseren zelfs 3 uur voor kleine potten. Wil je langer sfeer, doof dan en steek opnieuw aan — met een klokvormige kaarsendover gaat dat zonder rookpluim.
Aanbevolen brandtijd per kaarstype
| Type kaars | Minimaal per beurt | Maximaal per beurt |
|---|---|---|
| Geurkaars in glas 7–9 cm | 2 uur | 4 uur |
| Driepitskaars 10–12 cm | 3 uur | 4 uur |
| Kleine votive of tin (5–6 cm) | 1 uur | 3 uur |
| Stompkaars | 1 uur | 4 uur |
| Dinerkaars | geen minimum | tot 2 cm boven de kandelaar |
| Waxinelichtje | geen minimum | uitbranden mag (3–4 uur) |
| Houtlontkaars | 2 uur | 3 uur |
Waxinelichtjes zijn de uitzondering: die zijn ontworpen om in één keer leeg te branden, mits ze in een goede houder staan. Dinerkaarsen laat je nooit tot in de kandelaar opbranden — stop als er nog 2 cm boven de houder staat, anders wordt het metaal gloeiend heet en bakt de was vast.
Hoe lang gaat een kaars in totaal mee?
De brandtijd per beurt zegt niets over de totale brandduur. Die hangt af van gewicht, wassoort en lontdikte: reken grofweg 7 tot 10 branduren per 100 gram was. Een pot van 200 gram haalt dus 15 tot 20 uur, een grote pot van 500 gram komt richting 40 tot 50 uur. De complete vergelijking per type staat bij brandduur per kaarstype.
Wil je meer uren uit dezelfde kaars halen, dan zijn dit de effectiefste maatregelen: knip de lont voor elke beurt, brand tochtvrij (tocht kan de brandduur met 20 tot 30 procent bekorten), gebruik een deksel of houder die de warmte iets vasthoudt, en kies was met een hoger smeltpunt. Grote sojakaarsen in glas zijn qua uren per euro doorgaans de gunstigste keuze; zie ook de verschillen tussen wassoorten.
Wanneer stop je definitief met een kaars?
- Als er nog ongeveer 1 cm was in de pot zit. Daaronder wordt het glas te heet en kan het barsten.
- Als de lont niet meer rechtop staat of scheef in de rand hangt.
- Als het glas een scheur of ster vertoont.
- Als er alleen nog roetresten en losse lontstukjes in de was drijven.
De laatste centimeters was gooi je niet weg: smelt ze au bain-marie en giet er een nieuw kaarsje van, of gebruik ze in een wax-melts-brander. Hoe dat werkt staat bij kaarsresten hergebruiken en kaarsen recyclen. En laat een kaars natuurlijk nooit onbeheerd branden — alle regels daarover staan bij kaarsen en brandveiligheid, net als de rest van onze kennisbank.
Veelgestelde vragen
Mag een kaars de hele avond branden?
Zes uur aan een stuk is te lang. Doof na maximaal vier uur, laat de was een kwartier stollen, knip de verkoolde lontkop weg en steek opnieuw aan. Zo brandt de kaars de rest van de avond weer rustig, zonder roet en zonder oververhit glas.
Wat gebeurt er als ik een kaars te kort laat branden?
Dan smelt alleen het midden en blijft er een dikke wasrand staan. Die rand komt bij volgende brandbeurten niet meer mee en de vlam zakt in een koker weg. Je verliest zo makkelijk een derde van de was waarvoor je hebt betaald.
Mag een waxinelichtje helemaal opbranden?
Ja, waxinelichtjes zijn daarvoor ontworpen. Zet ze wel altijd in een houder van glas, keramiek of metaal, houd tien centimeter afstand tussen de lichtjes onderling en laat ze niet onbeheerd de laatste minuten uitbranden.