Onze keuzes
1. Set stompkaarsen met los laadplateau
De meest gebruikte oplossing voor huiskamers en horeca. Je zet de kaarsen na gebruik met de onderkant op een plateau met contactpunten, waar ze in twee tot zes uur weer vol zijn. Grote pluspunten: geen kabels per kaars en je hoeft niets open te schroeven. Let op het aantal plaatsen op het plateau, want die bepaalt hoeveel kaarsen je tegelijk kunt laden, en op de vraag of de kaarsen tijdens het laden ook aan kunnen blijven. Bekijk het aanbod oplaadbare LED-kaarsensets met laadstation.
2. Losse kaars met USB-C-aansluiting
Eenvoudiger en meestal goedkoper: onder in de kaars zit een USB-poort, vaak achter een rubberen klepje. Je laadt met de kabel die je toch al hebt. Voordeel is dat je geen extra apparaat op je aanrecht hebt staan; nadeel is dat je bij vijf kaarsen ook vijf keer een kabel moet aansluiten. Zoek naar LED-kaarsen met USB-C-aansluiting in plaats van micro-USB: de aansluiting is steviger en je hoeft geen aparte kabel te bewaren. Check ook of het klepje echt sluit als je de kaars buiten wilt gebruiken, zoals beschreven bij LED-kaarsen voor buiten.
3. Oplaadbare LED-waxinelichtjes met laadschaal
Twaalf tot vierentwintig waxinelichtjes die je met de onderkant in een schaal met contactpunten zet. Dit is het type dat je in restaurants op de bar ziet staan. Per lading haal je meestal acht tot tien uur, precies genoeg voor een avond. Voor thuis interessant als je veel bestaande houders hebt en geen zin hebt in tientallen knoopcellen. Kijk goed of de lichtjes in jouw houders passen; de standaardmaat is 38 mm, maar oplaadbare exemplaren zijn soms iets dikker. Meer over formaten bij LED-waxinelichtjes.
4. Oplaadbare LED-dinerkaars
Lange kaarsen met een accu in de voet en een laadcontact aan de onderkant. Vooral populair voor bruiloften, restaurants en evenementen, waar tientallen kaarsen elke avond zes uur moeten branden en niemand batterijen wil verwisselen. Let op het gewicht: een accu onderin maakt de kaars juist stabieler in een kandelaar, wat een voordeel is ten opzichte van batterijmodellen met het gewicht bovenin. Zie voor de maatvoering onze gids over LED-dinerkaarsen.
Waar je op let
- Branduren per lading: acht uur is de praktische ondergrens, want dan haal je een hele avond. Onder de zes uur ben je constant aan het laden.
- Laadtijd: twee tot zes uur is normaal. Belangrijk als je dezelfde kaarsen elke avond gebruikt, want dan moeten ze overdag vol zijn.
- Vervangbare accu: een lithiumaccu gaat een paar honderd laadcycli mee. Is hij ingelijmd, dan is de kaars daarna afval. Modellen met een verwisselbare oplaadbare cel zijn op termijn veel voordeliger.
- Laden en branden tegelijk: niet elk model kan aan blijven terwijl het op het station staat. Voor doorlopend gebruik in een etalage of hal wil je die functie wel.
- Contactpunten: metalen contacten kunnen oxideren. Poets ze af en toe met een droge doek, zeker als de kaarsen buiten of in een vochtige ruimte staan.
- Timer en afstandsbediening: oplaadbare modellen hebben die niet automatisch. Wil je dagelijkse automatisering, kijk dan bij LED-kaarsen met timer.
Oplaadbaar of gewone batterijen?
De rekensom is simpeler dan hij lijkt. Brand je zes uur per dag, dan verbruik je met AA-batterijen ongeveer elke twee maanden een setje per kaars. Bij vier kaarsen zijn dat vierentwintig batterijen per jaar, en dat loopt op in kosten en afval. Brand je alleen in de donkere maanden een paar keer per week, dan gaan diezelfde batterijen makkelijk twee seizoenen mee en is oplaadbaar vooral extra gedoe.
Een tussenweg die veel mensen over het hoofd zien: gewone LED-kaarsen op AA-formaat werken prima op oplaadbare AA-cellen. Je verliest wat looptijd (oplaadbare cellen leveren 1,2 volt in plaats van 1,5 volt, waardoor sommige kaarsen iets minder helder branden), maar je hebt wel het voordeel van herbruikbaar zonder speciale kaars. Werkt de kaars niet goed op 1,2 volt, dan merk je dat meteen aan een flauwe vlam.
Veelgemaakte fouten
- Alleen op de accucapaciteit letten. Milliampere-uren zeggen weinig zonder het verbruik van de kaars. Een bewegende vlam trekt meer dan een simpele flikker-LED, dus vergelijk op opgegeven branduren.
- Het laadstation kwijtraken. Laadplateaus zijn merkgebonden en zelden los na te bestellen. Bewaar het station bij de kaarsen, ook in de zomer.
- De kaarsen leeg wegbergen. Lithiumaccu’s gaan het langst mee als je ze halfvol opslaat en niet maandenlang volledig leeg laat staan. Laad ze op voor je ze na de kerst opbergt; zie ook kaarsen bewaren.
- Buiten laden. Laadcontacten en vocht gaan slecht samen. Haal buitenmodellen naar binnen om ze te laden en droog de onderkant eerst af.
Oplaadbaar versus batterij in het kort
| Punt | Oplaadbaar | AA-batterijen |
|---|---|---|
| Branduren achter elkaar | 8 tot 20 uur | 150 tot 400 uur |
| Terugkerende kosten | Geen | Batterijen |
| Beste bij | Dagelijks gebruik | Incidenteel gebruik |
| Levensduur | Beperkt door de accu | Zolang de LED het doet |
| Gedoe | Laden | Batterijen wisselen |
Twijfel je nog over het type kaars zelf, begin dan bij onze koopgids voor LED-kaarsen of bij de vergelijking van vlamtypen in LED-kaarsen met bewegende vlam. Alle gidsen staan samen op de hubpagina over LED-kaarsen.
Veelgestelde vragen
Hoe lang gaat een oplaadbare LED-kaars mee op één lading?
Meestal acht tot twintig uur, afhankelijk van de accu en van het vlamtype. Kaarsen met een fysiek bewegend vlammetje verbruiken duidelijk meer dan modellen die alleen flikkeren. Voor een avondje sfeerlicht is acht uur ruim voldoende, voor een hele dag in een etalage niet.
Kan ik oplaadbare AA-batterijen in een gewone LED-kaars gebruiken?
Ja, dat werkt in de meeste kaarsen. Houd er rekening mee dat oplaadbare cellen 1,2 volt leveren in plaats van 1,5 volt, waardoor de vlam iets flauwer kan branden en de looptijd korter is. Merk je dat de kaars niet meer aangaat, dan is het model te kritisch op spanning.
Gaat de accu van een LED-kaars kapot?
Elke lithiumaccu verliest capaciteit na een paar honderd laadcycli. Bij dagelijks laden is dat na ongeveer twee jaar merkbaar. Kijk daarom voor de aankoop of de cel te vervangen is; is hij ingelijmd, dan is de kaars daarna niet meer te redden.
Mogen oplaadbare LED-kaarsen op het laadstation blijven staan?
Bij de meeste modellen wel, omdat de laadelektronica stopt zodra de accu vol is. Voor de levensduur van de accu is het toch beter om de kaarsen er niet permanent op te laten staan, zeker niet als ze maandenlang niet gebruikt worden.